Port (ook wel porto) is een zoete wijnsoort uit Portugal, met een alcoholgehalte dat tussen 18 en 20 procent ligt. Om port te kunnen maken zijn, naast de soort druiven, vooral ook het klimaat en de grondsoort van belang. Dit verklaart waarom port uitsluitend gemaakt kan worden in de Dourovallei in het noorden van Portugal. Het verloop van het weer in een bepaald jaar speelt de belangrijkste rol bij het verkrijgen van een unieke kwaliteitsport, die de vintage port genoemd wordt.
De naam port(o) is afgeleid van de stad Porto. Port wordt sinds het begin van de 17e eeuw in Portugal gemaakt. De bereiding is ontstaan doordat Engeland in onvrede leefde met Frankrijk, dat toen al een groot wijnproducerend land was. Hierdoor ging men in andere streken op zoek naar wijn. Omdat de wijnen uit Portugal en Spanje de bootreis naar het eiland niet altijd even goed overleefden, werd er gezocht naar oplossingen hiervoor. Bij de port werd er aan het einde van de bereiding wat brandewijn toegevoegd. Pas aan het einde van de 18e eeuw ging men ertoe over de gisting te stoppen door toevoeging van wijnalcohol. Door deze ingreep behoudt port veel restzoet door niet vergiste suikers.
Het bereidingsproces
Sinds de 19e eeuw wordt gebruikgemaakt van de mutage-techniek. Dit is een techniek waarbij door middel van alcohol het gistingsproces voortijdig gestopt wordt waardoor niet alle suikers in alcohol omgezet worden, zodat de zoete smaak van port ontstaat, en het alcoholgehalte dan tussen 18 en 20 procent zal liggen.
Culinair
Port wordt, gezien zijn zoete smaak, in de meeste landen geserveerd bij kaasgerechten en nagerechten. In Frankrijk en België wordt port ook als aperitief gebruikt. Port wordt ook in vele sausen en gerechten verwerkt, zoals Foie gras (ganzen- of eendenlever) met port, meloen met port, tournedos met port, stoofpeertjes in port enzovoort.
Terug
Zoek op naam, wijnhuis, druivensoort...